.

Praktijk:
bewegen tussen ervaring en betekenis


In een Storyweaving gesprek reizen we van betekenis naar ervaringen en terug. De ingang tot verhalen ligt altijd in momenten waarop we iets hebben beleefd. Ogenblikken waarin iets gebeurde wat ons raakte, wat ons in beweging bracht, inspireerde, uit balans haalde, deed twijfelen, hopen, dingen doen of net niet doen.

  • Neem  het woord 'vrijheid' en de betekenis dat woord voor jou heeft.
  • Denk aan een ogenblik of een ervaring waarin het woord 'vrijheid' die betekenis kreeg voor jou ...

Momenten zijn de bron van verhalen. Altijd gebeurt er 'iets', voor we er betekenis van maken. In onze westerse wereld zijn we geneigd minder aandacht te besteden aan die gebeurtenissen dan wel aan de betekenissen die we ervan gemaakt hebben. We 'schieten al te gemakkelijk in ons hoofd': betekenisgeving wordt dan een denkproces, en minder het resultaat van ervaringen.

Verhalenwevers gaan uitdrukkelijk wel op reis naar momenten en ervaringen. Die momenten maken we rijker door ruimte te maken om ze opnieuw te beleven, rijker te beleven en te herinneren. We kunnen die beweging zichtbaar maken met een 'lemniscaat', een eindeloze beweging van momenten naar betekenis, en altijd opnieuw naar momenten.

Herinneringen rijker maken

Eens we bij momenten of ervaringen aankomen, proberen we een tijdje daar te blijven, en de ervaring weer tot leven te brengen. We vragen naar beelden, geuren, kleuren, smaken, lichamelijke gewaarwording. We zijn benieuwd naar schoonheid. Naar plek en omgeving, naar de natuur. We verwijlen bij relaties met anderen.

Bewegen naar betekenis

Als we de ervaringen hebben ontdekt, herbeleefd, bevraagd, uitgepakt, verrijkt... kunnen we terugkeren naar de betekenis ervan. Dan willen we weten: wat maakt deze ervaring, dit moment zo belangrijk voor jou? We geven het verhaal een naam of een beeld en stellen vragen welke boodschap erin naar voor komt. We geven de verteller de gelegenheid om zijn ervaring, zijn verhaal een plaats te geven in zijn of haar leven vandaag.

Uitproberen: 

Gesprek in tweetallen, 2 x 20 minuten

Stap 1: Op reis naar een ervaring of een 'moment

  • Neem mij mee naar een moment/een ervaring waar je weg van huis was en waar jij je vrij hebt gevoeld. Helemaal vrij, helemaal jij. Dat kan geweest zijn tijdens een uitstap, een vakantie, een verblijf op een plek die nieuw voor je was. 
  • Maak die ervaring rijk door vragen te stellen naar de mogelijke relaties die in die ervaring speelden:
  • Wie (was er)
  • Waar (was je), beschrijf de plek zodat ik 'm kan zien
  • Wat (gebeurde er)
  • Welke sfeer hing er in dat moment, die ervaring?
  • Wat kon je horen, zien, ruiken, proeven, voelen op je vel?

Stap 2: Reis dan stilaan terug naar betekenis

  • Wie (of wat) zou niet verbaasd zijn dat je over deze ervaring vertelt? Wat zouden zij zeggen als ze wisten dat je daarover nu vertelt?
  • Welke conclusies heb je getrokken uit die ervaring?
  • Wat zijn de waarden waarop dit verhaal steunt?
  • Welke naam of beeld zou je aan dit verhaal geven?
  • Waar droomt dit verhaal van? Of: wat wenst dit jou toe?

Stap 3: En kom aan bij wat het verhaal nu en in de toekomst kan betekenen

  • Hoe beïnvloedt dit verhaal jou nu?
  • Wat kan de betekenis ervan zijn voor jou, je werk, je relaties, je plek in de wereld, je toekomst?
  • Wat neem je nu meer uit dit gesprek?

Stap 4: Wissel 'geschenken' uit

Denk aan de praktijk van inter-zijn

vanuit een bewustzijn dat alles relatie is, en dat resonantie om de hoek wacht

  • Benader de verteller als uniek en een mysterie waarvan je het voorrecht hebt een beetje te mogen ontdekken
  • Geniet van het voorrecht om iets te mogen ontdekken van het leven van de ander.
  • Laat het verhaal zich rustig ontvouwen: beweeg luisterend mee
  • Eer stiltes als momenten waarop het verhaal een weg zoekt naar de oppervlakte
  • Stel vragen waarop je zelf geen antwoord weet en die de verteller uitnodigen om nog meer te vertellen over zijn/haar relaties met mensen, dingen, plekken, ideeën,...
  • Sta open om ook zelf geraakt te worden door wat je ziet, hoort en beleeft
  • Geef geschenken: benoem hoe (het verhaal van) de ander jou raakt, inspireert, beweegt.

dus... GEEN advies. NIET oordelen. NIET invullen voor de ander. VERMIJD feedback en herkaderen.